Psychiatrie
Anorexie op latere leeftijd
Anorexie bij ouderen omvat twee overlappende entiteiten: anorexia nervosa (AN) en de meer voorkomende seniele anorexia (te lage voedselinname door verlies van eetlust). Beide vormen worden vaak miskend, verhogen de kwetsbaarheid (frailty) van de oudere en gaan gepaard met een hoge sterfte. Ze vereisen systematische screening en multidisciplinaire zorg.
Een 89-jarige patiënte biedt zich aan op de consultatie geriatrie. Of juister, de kinderen boekten de afspraak want de hoogbejaarde dame ziet er het nut niet van. De aanmeldingsklacht is dat ze bijna niet meer eet en zeer veel gewicht verloren is. De onderliggende redenen zijn onduidelijk. De dame zelf zegt dat het eten in haar keel blijft steken en haar kaken pijn doen waardoor ze niet kan kauwen. Ze heeft weinig zin in eten en volgens de kinderen begint ze iedere maaltijd met de klacht dat er te veel op haar bord ligt, ook al gaat het om miniporties. Haar BMI van amper 16,2 vindt ze zelf prima.
Na een uitgebreid gamma aan bijkomende onderzoeken wordt een somatische reden uitgesloten. Noch de slik-, noch de kauwproblemen kunnen geobjectiveerd worden en de diagnose van AN wordt gesteld.
Epidemiologie en risico
Over AN op hoge leeftijd zijn zeer weinig data beschikbaar, de cijfers die er zijn lopen sterk uiteen en zijn vaak gebaseerd op case reports. Seniele anorexia daarentegen zou 20-25% van de ouderen treffen met de hoogste prevalentie bij mensen in opname (ziekenhuis en woonzorgcentra). Uit onderzoek blijkt dat de meest voorkomende comorbiditeiten bij ouderen (65-115 jaar) met anorexia chronische longaandoeningen (39,4%), dementie (38,3%), en perifeer vaatlijden (38,0%) zijn. De jaarlijkse mortaliteit zou 22,3% bedragen ten opzichte van 4,1% zonder anorexie (relatief risico van 5,49).
Diagnose en differentiatie
Gewichtsverlies bij ouderen vraagt om een brede diagnostische aanpak om maligniteiten, chronische ziekten, depressie, dementie, dysfagie en bijwerkingen van chronische medicatie uit te sluiten. Voor de beoordeling van het verlies van eetlust worden screeningtools zoals SNAQ (Simplified Nutritional Appetite Questionnaire) en MNA-SF (Mini-Nutritional Assessment Short Form) aanbevolen.
Bij vermoeden van AN is een multidisciplinaire beoordeling door een geriater, een (geronto)psychiater en nutritionist aan te raden, ook hier is een structurele screening cruciaal (volgens de DSM-5-criteria Eating Disorders).
Aanpak
De aanpak van AN bestaat uit psychotherapie zoals cognitieve gedragstherapie (meest gebruikt), individuele, groeps- of familietherapie en psycho-educatie. Daarnaast beschrijven veel casestudies het gebruik van psychofarmaca zoals mirtazapine, bupropion, paroxetine, alprazolam, lorazepam, clorazepaat en venlafaxine. Tot slot kunnen er hoogcalorische supplementen aan de voeding worden toegevoegd.
Er wordt wel op gewezen dat de kans op succes bij ouderen doorgaans veel lager ligt dan bijvoorbeeld bij adolescenten.
Referenties:
1. Dagenais, S., Fielding, R.A., Clark, S., et al., 2023. Anorexia in Medicare Fee-for-Service Beneficiaries: A Claims-Based Analysis of Epidemiology and Mortality. The Journal of nutrition, health and aging 27, 184–191. https://doi.org/10.1007/s12603-023-1882.
2. Mulchandani M, Shetty N, Conrad A et al. Treatment of eating disorders in older people: a systematic review. Syst Rev. 2021 Oct 25;10(1):275. doi: 10.1186/s13643-021-01823-1.