Endocrinologie

Endometriose: verhoogt diënogest het risico op borstkanker?

Diënogest wordt veel voorgeschreven bij de behandeling van endometriose en is een van de eerstelijnstherapieën volgens de Europese richtlijnen van de ESHRE (2022). Er is echter nog discussie over de vraag of het progestageen het risico op borstkanker verhoogt. Een nationale studie, die in 2026 is gepubliceerd in de International Journal of Gynecology & Obstetrics, is geruststellend wat dat betreft.

Dr. Roxane Van de Merckt - 23 maart 2026

Endometriose: verhoogt diënogest het risico op borstkanker?

Ongeveer 10% van de vrouwen van vruchtbare leeftijd heeft endometriose. Vaak krijgen ze een langdurige hormoontherapie. Volgens de richtlijnen van de ESHRE correleert endometriose zelf met een lichte stijging van het absolute risico op bepaalde kankers en met name ovariumkanker (2,5% vs. 1,3%) en in mindere mate borstkanker (13,3% vs. 12,8%) in vergelijking met de algemene bevolking (2022). Tegen die achtergrond mag de vraag gesteld worden of de voorgeschreven behandelingen het risico op kanker niet verhogen.

Een nationale cohorte diënogest versus een GnRH-agonist

Het betreft een retrospectief populatiecohortonderzoek uitgaande van de nationale Koreaanse ziekteverzekeringsbank. Vrouwen van 20-49 jaar met endometriose die een behandeling met diënogest hadden gekregen gedurende minstens zes maanden, werden vergeleken met een groep die was behandeld met een GnRH-agonist, na matching volgens een propensity score om de initiële kenmerken van de twee groepen in evenwicht te brengen.

De analyse van het risico op borstkanker is uitgevoerd bij meer dan 14.000 gebruiksters van diënogest. De vorsers hebben geen hoger risico waargenomen (aHR 1,01; 95% BI: 0,75-1,37). Idem wat endometriumkanker (aHR 0,84; 95% BI: 0,40-1,77) en tubo-ovariële kanker (aHR 0,92; 95% BI: 0,30-2,80) betreft. Bij sensitiviteitsanalyses is geen specifiek signaal waargenomen.

Geruststellende gegevens, maar een beperkte follow-up

Volgens die retrospectieve studie correleert toediening van diënogest gedurende gemiddeld ongeveer een jaar niet met een hoger risico op borstkanker dan GnRH-agonisten. De gemiddelde leeftijd van de patiënten was maar 27 jaar, dus ver onder de leeftijd waarop de incidentie van borstkanker een piek bereikt, en de duur van behandeling was vrij kort (circa 110 dagen voor GnRH-agonisten en 460 dagen voor diënogest). Dat beperkt de draagwijdte van de conclusies. De follow-up is te kort om een eventueel risico op lange termijn formeel uit te sluiten.

Op korte termijn is in elk geval geen hoger kankerrisico waargenomen. Dat ondersteunt dan ook de huidige richtlijnen, die stellen dat diënogest geïndiceerd is bij de behandeling van endometriose. De beslissing tot toediening van diënogest moet echter bij elke patiënte afzonderlijk worden genomen, rekening houdende met de individuele risicofactoren voor borstkanker en de geplande duur van de behandeling.

Referenties:
1. Jhang H, Kim S, Park HT, Shin JY, Choe SA. Dienogest use and the risk of breast and gynecologic cancers: a nationwide population-based study. Int J Gynecol Obstet. 2026;172(2):1123-29.
2. Becker CM, Bokor A, et al.; ESHRE Endometriosis Guideline Core Group. ESHRE guideline: endometriosis. Hum Reprod Open. 2022;2:hoac009.

Wat heb je nodig

Krijg GRATIS toegang tot het artikel
of
Proef ons gratis!Word één maand gratis premium partner en ontdek alle unieke voordelen die wij u te bieden hebben.
  • wekelijkse newsletter met nieuws uit uw vakbranche
  • digitale toegang tot 35 vakbladen en financiële sectoroverzichten
  • uw bedrijfsnieuws op een selectie van vakwebsites
  • maximale zichtbaarheid voor uw bedrijf
Heeft u al een abonnement? 
Print Magazine

Recente Editie
17 maart 2026

Nu lezen

Ontdek de nieuwste editie van ons magazine, boordevol inspirerende artikelen, diepgaande inzichten en prachtige visuals. Laat je meenemen op een reis door de meest actuele onderwerpen en verhalen die je niet wilt missen.

In dit magazine